-Wilt u deelnemen aan de gebruikers Enquête? Klik hier: Vragen-

Endogene kracht

Uit OmoPedia
Ga naar: navigatie, zoeken

Beschrijving

In Nederland merken we meestal niet zo veel van endogene krachten. Dat zijn krachten die vanuit het binnenste van de aarde werken. Een enkele keer komt er een lichte tot middelzware aardbeving voor langs een breuklijntje in de aardkorst. Daar hebben met name het noorden van Limburg en het oosten van Noord-Brabant wel eens last van.

Die krachten die bij ons voorkomen, staan in geen enkele verhouding tot de oerkrachten die op veel andere plaatsen op aarde voorkomen, zoals in Indonesië, in het westen van de Verenigde Staten of in het Andesgebergte in Zuid-Amerika.

Sommige delen van de aardkorst zijn extra gevoelig voor aardbevingen en vulkanisme. Dat hangt samen met bewegingen van stukken van de aardkorst, de zogenaamde plaattektoniek. Wanneer je je op de rand van zo’n stuk aardkorst bevindt, zijn die endogene krachten aanwezig, met name op plaatsen waar stukken van de aardkorst naar elkaar toe bewegen of langs elkaar schuiven. Ook op plaatsen waar de aardkorst uit elkaar schuift, kunnen endogene krachten voorkomen. Meestal zijn daar de krachten echter minder heftig.

Definitie

Krachten die van binnenuit op de aarde werken.

Voorbeelden

  • Gebergtevorming. Als platen op elkaar botsen, verfrommelt die aardkorst en worden er gebergten gevormd.
  • Vulkanisme. Vloeibaar gesteente (magma) komt bij vulkanen of breuklijnen naar buiten en levert lava en/of vulkanische as op.
  • Aardbevingen. Wanneer platen ten opzichte van elkaar willen bewegen, houden wrijvingskrachten die platen lange tijd vast. Als de spanning maar hoog genoeg is opgelopen, kan de wrijving overwonnen worden en kunnen platen in één keer decimeters tot meters ten opzichte van elkaar bewegen. Dat levert zware aardbevingen op.

Toelichting

  • De aardkorst bestaat uit een aantal grote en kleinere stukken die schollen of platen worden genoemd. Deze platen bestaan uit relatief licht gesteente dat drijft op een daaronder liggende laag, die “vloeibaar” is.
  • Dat vloeibare gedeelte maakt deel uit van de zogenaamde aardmantel. In die mantel komen zogenaamde convectiestromen voor. Dat zijn warmtestromen die worden veroorzaakt door temperatuurverschillen in de daaronder liggende kern van de aarde.
  • Door de bewegingen in de mantel drijven de aardschollen met die bewegingen mee. Daarbij kunnen zich de volgende mogelijkheden voordoen:
    • Platen bewegen uit elkaar. Dat gebeurt bijvoorbeeld bij de mid-oceanische ruggen. Hierbij ontstaat vulkanisme en komen veel lichte tot middelzware aardbevingen voor.
    • Platen bewegen naar elkaar toe. Hierbij ontstaan gebergten en/of subductiezones. Hierbij komt veel vulkanisme voor en zware tot zeer zware aardbevingen.
    • Platen schuiven langs elkaar. Hierbij komt geen vulkanisme voor, maar wel zware aardbevingen.
  • De tegenhanger van endogene krachten zijn de exogene krachten. Dat zij krachten die van buiten af op de aarde inwerken zoals verwering, erosie en meteorietinslagen.