-Wilt u deelnemen aan de gebruikers Enquête? Klik hier: Vragen-

Opbouw van de aarde

Uit OmoPedia
Ga naar: navigatie, zoeken

Beschrijving

Fout bij het aanmaken van de miniatuurafbeelding: The system cannot find the path specified. Error code: 1
De kaft van het beroemde boek van Jules Verne

Als je vanaf de aardoppervlakte net zoals Jules Verne in zijn beroemde boek “Reis naar het middelpunt van de aarde” een reis zou willen maken naar dat middelpunt, dan moet je een afstand afleggen van ongeveer 6370 kilometer.

De eerste tientallen kilometers zijn keihard en vormen de buitenste laag waarop we leven. Die laag noemt men de aardkorst. Daaronder begint de aardmantel en die strekt zich uit tot een diepte van zo’n 3000 km. Een heel klein stukje van die mantel is ook nog hard. Samen met de korst noemen we dat de steenschaal ofwel lithosfeer.

Ook de mantel is voor het grootste gedeelte vast met uitzondering van een paar honderd kilometer die zich net onder de lithosfeer bevinden. In die zogenaamde asthenosfeer komen zeer langzame stromingen van “vloeibaar” gesteente voor, de zogenaamde convectiestromingen.

Op 3000 km diepte begint dan de aardkern. Die kunnen we weer verdelen in de buitenkern en de binnenkern. De binnenste kern is hard en bestaat voornamelijk uit de metalen nikkel en ijzer. De buitenkern bestaat ook uit die metalen, maar dan in vloeibare vorm. In die buitenkern komen ook convectiestromingen voor en ontstaat het aardmagnetisch veld.

Definitie

Fout bij het aanmaken van de miniatuurafbeelding: The system cannot find the path specified. Error code: 1
De opbouw van de aarde en van de atmosfeer. Het bovenste deel van de buitenmantel noemt men de asthenosfeer

De gesteenteschillen waaruit de aarde is opgebouwd.

Voorbeelden

  • De lithosfeer vanaf de oppervlakte tot 100 km diepte.
  • De aardmantel van 100 tot 3000 km diepte. Deze is voor het grootste deel vast behalve de bovenste paar honderd kilometer (asthenosfeer). Die vloeibare laag maakt deel uit van de buitenmantel.
  • De aardkern van 3000 km tot 6370 diepte. Deze is in het midden (binnenkern) vast en daar omheen (buitenkern) vloeibaar.

Toelichting

  • Als je vanaf de oppervlakte naar beneden gaat neemt de temperatuur en de druk toe. In het midden van de aarde is de druk zo groot dat ondanks de temperatuur van duizenden graden Celsius het gesteente toch vast is.
  • Die aardwarmte ontstaat uit kernreacties van radioactieve elementen en uit zogenaamde restwarmte van de periode toen de aarde ontstond.
  • Niet overal is de kern even warm. Waar die het warmst is, wordt ook de meeste warmte afgegeven aan de bovenliggende mantel. Dat zorgt in het vloeibare gedeelte (asthenosfeer) voor warmtestromingen.
  • De lichtste gesteenten bevinden zich aan de oppervlakte. Als je dieper gaat worden de gesteenten steeds zwaarder. Dat heeft grote gevolgen voor de aardkorst omdat die op de aardmantel drijft. Bewegingen in de mantel zorgen voor bewegingen in de korst. Dat noemen we plaattektoniek.
  • In dat beroemde science-fiction boek van Jules Verne daalt een professor met een klein reisgezelschap af in de krater van een vulkaan op IJsland om na iets meer dan 150 km diepte uit te komen op een onderaardse zee. Hij ziet onderweg allemaal fossielen van dieren, planten en bomen en bouwt daarmee een vlot waarmee hij de zee afdrijft. Uiteindelijk komt hij bij een onderaardse gang die is geblokkeerd. Na het opblazen daarvan komt hij uiteindelijk weer aan de oppervlakte uit de vulkaan de Stromboli bij het eiland Sicilië in de Middellandse Zee. Spannend niet? Toen Jules Verne dat boek had geschreven in het midden van de 19e eeuw kon hij niet weten dat in de diepte weliswaar geen zee was, maar wel iets “vloeibaars”, namelijk de asthenosfeer.