-Wilt u deelnemen aan de gebruikers Enquête? Klik hier: Vragen-

Sterftecijfer

Uit OmoPedia
Ga naar: navigatie, zoeken

Beschrijving

Gegevens als sterfte, geboorte, migratie en dergelijke moeten natuurlijk altijd berekend worden over een bepaalde periode. Hiervoor kiest men standaard een jaar. Om gebieden goed met elkaar te kunnen vergelijken moet je de absolute aantallen ook altijd omrekenen naar een bepaald aantal mensen, je spreekt dan van relatieve cijfers. Bij demografische gegevens gebruikt men daarvoor een groep van 1000 mensen.

Absolute aantallen sterfgevallen van landen vergelijken is niet zinvol. Iedereen snapt dat er in China jaarlijks meer mensen sterven dan in een klein land als Nederland, maar dat zegt natuurlijk niets over bijvoorbeeld het welvaartsniveau van beide landen. Het is eerlijker als je in beide landen de sterfte uitrekent over een standaardgroep van duizend mensen. Hoe je precies met die relatieve cijfers moet rekenen, kun je lezen op de betreffende wikipagina.

Definitie

Het aantal sterfgevallen per 1000 mensen per jaar.

Voorbeelden

  • Een land heeft 20 miljoen inwoners. Er sterven per jaar 180.000 mensen. Dan is het sterftecijfer 9 promille (= 9 op de 1000). Reken maar mee. 20 miljoen mensen zijn 20.000 groepjes van 1000. Die 20.000 groepjes hebben samen 180.000 sterfgevallen. Per groepje is dat dus 180.000 gedeeld door 20.000 = 9 sterfgevallen.
  • Een land heeft een sterftecijfer van 15 promille (= 15 op de duizend). Per jaar gaan er 45.000 mensen dood. Dan is de bevolking: 3 miljoen mensen. Reken maar weer mee. 45.000 sterfgevallen is 15 promille. 1 promille (letterlijk een duizendste) is dan 45.000 gedeeld door 15 = 3.000 De hele bevolking is 3.000 x 1.000 = 3 miljoen

Tekstverband

Het sterftecijfer is een voorbeeld van een demografisch cijfer. Demografie is de wetenschap die zich bezig houdt met bevolkingsontwikkeling. Andere demografische cijfers zijn het geboortecijfer, het immigratiecijfer, het emigratiecijfer enzovoort.

  • Verschillen tussen sterftecijfers van gebieden kunnen door meerdere dingen verklaard worden. Een voorbeeld is armoede. Slechte en onvoldoende voeding, slechte hygiëne, slechte gezondheidszorg, zware lichamelijke arbeid, allemaal dingen waar je ziek van kunt worden en dus ook kunt doodgaan. Je zou dus verwachten dat in arme landen het sterftecijfer veel hoger ligt dan bij ons. Het rare is nu dat die sterftecijfers helemaal niet zoveel verschillen. Het is zelfs zo dat in de rijke landen soms de sterftecijfers hoger zijn. Hoe kan dat nu? Het antwoord ligt in de leeftijdsopbouw van de landen. Wij hebben een oude, vergrijsde bevolking, arme landen hebben vaak een hele jonge bevolking. In elke leeftijdscategorie sterven in ontwikkelingslanden meer mensen dan bij ons, maar de hoge sterfte onder ouderen tikt bij ons in het totale sterftecijfer wel hard aan en dat gebeurt dus minder in arme landen. Je moet dus bij vergelijkingen tussen het welvaartsniveau van landen oppassen daarvoor niet het sterftecijfer te gebruiken. Wel bruikbaar daarvoor zijn bijvoorbeeld de zuigelingensterfte en de kindersterfte.